Dordogne - Algemeen


 

 

 

 

Het departement Dordogne (nummer 24), gelegen in het zuidwesten van Frankrijk, viel vóór 1790 voor een groot deel samen met de vroegere provincie Périgord en is nu een onderdeel van de regio Aquitaine.
De oppervlakte van de Dordogne is 9.220 km2 en is na de Gironde en Les Landes het grootste departement van Frankrijk. De maximale afstand van noord naar zuid is 126 km en van oost naar west 116 km. De totale lengte van de grenzen van het departement bedraagt ca. 500 km.

Landschap
De Dordogne ligt op de westelijke uitlopers van het Massif Central en bestaat voor het grootste gedeelte uit een kalksteenplateau dat een dikte bereikt van enkele honderden meters. Door inkrimping en bewegingen van de aarde zijn er in de kalksteenkorst vele natuurlijke grotten ontstaan met fantastische druipsteenformaties en prehistorische tekeningen.
Door de vele rivieren in dit gebied, waaronder de Dordogne, zijn er valleien ontstaan met een zeer vruchtbare sliblaag, waar zich de belangrijkste economische activiteiten, vooral op agrarisch gebied, afspelen. De Dordogne is met ca. 500 kilometer lengte een van de langste rivieren van Frankrijk. De Dordogne ontspringt op de noordflank van de hoogste top van de Auvergne, de Puy de Sancy (1886 m), op 1680 meter hoogte, voortkomend uit de riviertjes Dorde en Dogne. Vanaf het Massif Central stroomt de rivier door de departementen Puy-de-Dôme, Corrèze, Dordogne en Gironde naar de Atlantische Oceaan.

Het hoogste punt van de Dordogne (478 m) ligt in het Forêt de Vieillecour, ten noordwesten van Saint-Pierre-de-Frugie. In het gebied zijn veel grotten te vinden, waarvan die van Lascaux beroemde prehistorische schilderingen bevatten.

Het departement Dordogne kan verdeeld worden in 4 gebieden die landschappelijk veel van elkaar verschillen:
Périgord Blanc (‘Witte Périgord’, genoemd naar de kalkstenen grondlagen)
Rond de stad Périgueux ligt een landschap van heuvels bedekt met weiden, die door hakbossen van eiken en kastanjes van elkaar gescheiden worden.
Périgord Noir (‘Zwarte Périgord’, genoemd naar de donkere eikenbossen)
Hier wordt het beeld vooral bepaald door de vele dichte bossen met steeneiken en haageiken. In de dalen vindt men op de slibgrond veel agrarische bedrijven.
De Périgord Noir wordt doorsneden door de Dordogne en de Vézère, die bijeenkomen bij Limeuil, en dan verder gaan als de Dordogne.
Périgord Pourpre (‘Purperen Périgord’, genoemd naar de paarse bladeren van de druivenranken)
De brede Dordogne, die van oost naar west door het gebied stroomt, heeft hier in de vallei veel slib achtergelaten waar akkerbouw troef is. Verder vindt men hier veel boomkwekerijen en op de hellingen wijngaarden.
Périgord Vert (‘Groene Périgord’, genoemd naar het groene landschap)
De Périgord Vert strekt zich ten noorden van Coutras, Périgueux en Hautefort uit en wordt begrensd door de departementen Charente en Haute-Vienne.
Dit gebied in het noorden van de Dordogne kenmerkt zich door een coulisselandschap met veel akkerbouw en zonnebloemvelden en wat minder dichte bossen als in de Périgord Noir.